Studenten laten kiezen betekent niet dat ze ook leren kiezen

door Marinka Kuijpers – gepubliceerd in Profiel Actueel, juni 2017

Als onderzoeker, trainer, bestuurder en moeder van twee kinderen zie ik -wat we allemaal merken- dat de arbeidsmarkt verandert. Beroepen verdwijnen, werk verandert en vaste banen komen minder voor. Jongeren moeten leren omgaan met onzekerheid in hun loopbaan. Ook onze samenleving verandert.

pexels-photo-24992
Werk wordt niet alleen gezien als een bron van inkomen, maar ook als een manier van zingeving in het leven. Jongeren moeten in hun keuzes leren balanceren tussen eigen kwaliteiten en motieven (waar ze vaak nog achter moeten komen) en de veranderende arbeidsmarkt (die ze nog moeten leren kennen).

Een nieuwe opdracht voor het onderwijs

Het onderwijs bereidt jongeren voor op het werken op de arbeidsmarkt en leven in de maatschappij. Door de veranderingen krijgt het onderwijs een nieuwe opdracht: jongeren voorbereiden op globalisering, flexibilisering, technologisering en zingeving in werk. Om het onderwijs loopbaangericht vorm te geven, zijn in het mbo loopbaancompetenties opgenomen in de kwalificatie-eisen van studenten. In het vmbo vind je ze terug in het examenprogramma van leerlingen.

Maar hoe zorgen we ervoor dat het onderwijs zo wordt ingericht, dat het leiden en begeleiden door docenten bijdraagt aan het maken van keuzes? Het vraagt een nieuw perspectief op de doelen van onderwijs en een andere aanpak om jongeren te leren kiezen in plaats van ze te laten kiezen.

Hoe maken jongeren keuzes?

Keuzes worden veelal gemaakt op basis van voorkeuren en ervaringen (Kuijpers & van Dinteren, 2016). Als we bedenken wat we willen doen, reageren we vaak automatisch en vóórdat we door hebben dat er iets te beredeneren is. Kahneman (2011) noemt dit systeem 1. Systeem 2 werkt juist langzaam en vraagt de nodige inspanning, bijvoorbeeld wanneer we reflecteren op ervaringen en bewuste keuzes maken. Door reflectie vindt een schakeling plaats tussen beide systemen.

Bij loopbaankeuzes betekent dit vaak dat jongeren keuzes maken op basis van associaties bij beelden die ze hebben van werk en opleiding. Deze beelden hebben ze opgedaan in hun directe omgeving: beroepen en opleidingen die ze kennen van mensen in hun omgeving of die ze hebben gezien op internet of tv. Het lijkt hen leuk, maar ze reflecteren meestal niet op wat ze daaraan leuk vinden. Laat staan dat ze onderzoeken hoe het beroep of de opleiding er werkelijk uitziet in verschillende omgevingen. Daarvoor is het nodig om systeem 2 in te zetten.